De Landelijke Asbest Praktijkdag 2016 (gisteren, donderdag 19 mei) ging over asbest en veranderen.
Met het verbod op asbestdaken in 2024 moet niet alleen worden gezorgd voor meer capaciteit in de asbestverwijderingssector maar vooral vernieuwd worden.

Alle betrokkenen zijn naarstig op zoek naar deze vernieuwingen, vooral door veel praten en overleggen, maar dit komt niet van de grond.
Sommige voorspellen dat het om innovaties gaat, anderen zoeken het in meer subsidies.
Beide stellingen zijn slechts niet meer dan een deel van de oplossing.
Het gaat bovenal om een andere mindset: het is niet de techniek, het vraagt om een andere benadering.
De vernieuwing zal onder meer komen door de risicobenadering; vele asbesttoepassingen (als voorbeeld asbesthoudende kit) kunnen door brongerichte en uniforme werkwijze veilig worden verwijderd. Dit zonder inzet van een gecertificeerde verwijderaar. Wijselijk?
Deze benadering ondervindt nog veel weerstand bij de gecertificeerde sector en de beleidsmakers in Den Haag. Terecht?
Borging en toezicht bij verwijderen is hierbij een terecht issue, maar dat is oplosbaar.
Het roer moet om werd gisteren bekend gemaakt!

Subsidies voor asbest én energie moeten in dezelfde pot (mede om de afspraken uit het Energieakkoord te realiseren).
Asbestverwijderingskosten zullen voor een heel groot deel van de eigenaren de drempel zijn om niet te kiezen voor zonnepanelen of voor energiebesparing.
Een gezamenlijke subsidiepot zal kunnen zorgen voor een versnelling.
Dit vraagt om een integrale aanpak. Net als een energielabel moeten woningen ook een asbestvrijlabel krijgen.
De mouwen moeten worden opgestroopt want als subsidies voor veilig en duurzaamheid in één pot komen zal er eindelijk een versnelling plaatsvinden.